Waarnemen van klankschalen

1. Waarneming vanuit de fysieke laag

Allereerst ben je bezig om jezelf een plek te geven. Hoe kan ik zitten bij het werken met de klankschaal. Alles is gericht op lichamelijke ruimte en deze ruimte veilig te stellen om ongemak voorkomen. De actie-radius is beperkt tot de directe omgeving waar met de klankscalen wordt gewerkt.

 

2. Waarneming vanuit de emotioneel – psychische laag

Je gaat jezelf vervolgens oriënteren. Voel je je veilig, is het een prettige omgeving. Er komt innerlijke beweging. Bijvoorbeeld een signaal van onrust of een signaal van ontspanning.

 

3. Waarneming vanuit de laag van waarneming

Je gaat kijken in de ruimte tussen en voorbij de andere mensen. Hoe zit de  ruimte eruit? Wat hoor ik daar voor geluiden? Wat is dat voor een toon?

 

4. Waarneming vanuit de laag van openheid

Nu kun je de klankschaal open beleven. Het maakt nu minder uit of er wel of niet en onbekend persoon in de buurt zit. Je gaat voelen dat je een vrije keuze hebt in het waarnemen en wat je vervolgens met die waarnemingen doet. Je wordt nieuwsgierig naar de klanken. Je hebt nu de mogelijkheid om jezelf te zijn in de ruimte en ontspannen de klanken van de klankschalen te beleven.